Zeep maken (Werfzeep workshop)

by

Het was zaterdagochtend, het was koud, ik had wel 90 hele minuten geslapen en toch stapte ik vol enthousiasme om 08:55 in de trein naar Utrecht want ik ging ZEEP maken! De laatste keer dat ik zeep maakte, was ondertussen alweer een jaar of 8 geleden, dus ik had er zin in.

De workshop werd georganiseerd door ambachtelijke biologische zeepziederij Werfzeep in hun werkplaats in Utrecht. De workshop begon met theorie: workshopdocent Laurens legde uit wat zeep nou eigenlijk is, hoe het gemaakt wordt, welke bestanddelen je kunt gebruiken en welke (liever) niet, hoe het met parfumeren werkt en nam vervolgens door wat we zelf zouden gaan doen.

Ik vond het fijn dat er zo uitgebreid aandacht was voor de theorie, niet alleen omdat je dan tijdens het zeep maken ter plekke een idee hebt waarom je de dingen moet doen die je doet (en in welke volgorde), maar ook omdat je voldoende leert om later thuis ook aan de slag te kunnen. Daarnaast vind ik het altijd leuk om mensen te horen vertellen over dingen waar ze veel kennis over hebben en enthousiast over zijn.

Na de theepauze was het zover: in teams van twee ging er zeep gemaakt worden volgens een recept. Aangezien Werfzeep alleen met plantaardige vetten werkt en uit principe geen palmolie gebruikt, gingen we aan de slag met onder andere kokosolie en olijfolie.

Ja, daar deden we een schort voor aan:

Het wegen van de ingrediënten luisterde nogal nauw, evenals het op de juiste temperatuur krijgen van de vetten zonder ze te oververhitten. Ook het werken met het hete, bijtende natronloog vereiste concentratie – en een veiligheidsbril.

Toen alles eenmaal op de juiste wijze bij elkaar gevoegd was, volgde het leukste – of meest frustrerende: het roeren en roeren en roeren en roeren totdat er “trace” ontstaat, hét teken dat je zeep klaar is om te gieten. Gelukkig mochten we na een poosje roeren de staafmixer gebruiken, waardoor de trace al snel verscheen.

Na het toevoegen van een customised etherische oliën mix en nog een beetje staafmixen was de zeep klaar om in de mal gegoten te worden. Er was ook nog de optie om goudsbloem of lavendel op, onder of in de zeep te mixen, maar aangezien de geurmix die mijn zeeppartner en ik gecomponeerd hadden, nogal eh, heftig was, besloten we daar maar van af te zien.

Dit was het eindresultaat:

En toen begon het lange wachten, want cold process zeep moet rijpen. Over een week of 4 krijg ik de zeep toegezonden en ik ben echt zó benieuwd! Uiteraard plaats ik er tegen die tijd een foto van op Instagram die ik, in het kader van de volledigheid, ook hier zal linken.

Ik heb in ieder geval een geweldig leuke zaterdagochtend gehad en ik kan deze workshop van harte aanraden! Hij vindt (bijna) elke maand plaats, op deze pagina staat precies wanneer er nog plek is en hoe je je kunt inschrijven.

Links:

Website Werfzeep
Instagram

NB, voor de zekerheid: niets waar ik hier op Featured Mag over schrijf, is gesponsord of “een samenwerking” of wat voor vreemde eufemismen men tegenwoordig ook gebruikt. Ik kwam via de Instagram van Anne-Fleur Kan achter het bestaan van deze workshops, heb me zelf ingeschreven, heb zelf betaald, ben zelf enthousiast geworden en heb er uit mezelf over geschreven.

***

Volgende week woensdag is het weer tijd voor de maandelijkse update. Tot dan!

Interview met Samantha

by

Wie ben je en waarom?

Ik ben Samantha, oftewel ChronicVillainy. Ik ben wat men omschrijft als een ‘nerd’ of ‘geek’, en dan vooral op het gebied van boeken, games en anime/manga (“dat Japanse spul”). Ik heb altijd wel interesse gehad in verhalen en in personages. Boeken, maar ook anime/manga, zijn breed qua onderwerpen en genres, dus er is voor iedere bui wel wat leuks of interessants te vinden. Ik lees/kijk dan ook dingen uit verschillende genres.

Games liggen in het verlengde hiervan; het zijn eigenlijk ‘gewoon’ interactieve verhalen waarbij je de progressie zelf in de hand hebt. Niet alleen door of je wel of niet Monster A kunt verslaan, maar ook om tussendoor een side quest te doen. Ik speel dan ook voornamelijk games waarbij de nadruk op het verhaal en de personages ligt. Goede verhaallijn, interessante worldbuilding, karakterontwikkeling, gelaagde personages/grijze moraliteit zijn dingen waar ik blij van word.

In het dagelijks leven werk ik in een boekwinkel. Alle clichés die je tegenkomt over klanten zijn waar, maar er zitten hele leuke mensen tussen. Ik heb een paar leuke gesprekken gehad over de boeken van Stephen King, met een meisje goede fantasy-titels uitgewisseld, of met klanten gepraat over een boek dat ze kopen dat ik dan toevallig net gelezen heb en heel goed vond.

Tenslotte word ik ook heel erg blij van mijn hond Tali. Ik ben sowieso dol op dieren. En op draken.

Waar en wanneer is je interesse in verhalen ontstaan? Op welke manieren spelen verhalen een rol in jouw leven?

Ik was als klein kind al dol op verhalen. Mijn ouders zijn zelf geen grote lezers, maar ze hebben mij gestimuleerd om wel te lezen, en we gingen dan ook altijd naar de bibliotheek om boeken te lenen. Ik vond het heerlijk om weg te dromen bij boeken en in een andere wereld te stappen.

Ik heb heel lang geen gameconsole gemogen, maar op mijn 12e kreeg ik dan eindelijke een PlayStation 1 want ik wilde zo graag die Spyro the Dragon-games, want de hoofdpersoon is een paars draakje). Toen kwam de Pokémon-hype, wilde ik ook een Nintendo 64, en al snel speelde ik mijn eerste Zelda-game. Daarna ben ik games steeds meer gaan waarderen als een medium dat goede verhalen weet te vertellen. De anime en de manga volgden een aantal jaar later.

Ik vind het fijn iets productiefs te doen met mijn interesses, dus mijn hobby’s liggen in het verlengde van mijn interesse in verhalen. Ik schrijf bijvoorbeeld tegenwoordig voor de AniWay, een blad over Japanse popcultuur.

Over het algemeen schrijf ik recensies over anime/manga-series en games, maar soms ook evenementverslagen. Ik ben begonnen als proeflezer en ben toen in het schrijven gerold omdat er last-minute een artikel nodig was. Als ik door mijn enthousiaste recensie ook maar één persoon geïnteresseerd krijg in de serie/game, dan is mijn doel eigenlijk al bereikt.

Het is vrijwillig, maar ik vind het ontzettend leuk om te doen en op deze manier met mijn interesse bezig te zijn. Bovendien is het ook gewoon een fijn excuus om over mijn favoriete series te zwetsen – of ‘verantwoord’ mijn gal te spuwen over series die ik minder vind. Verder doe ik ook wat redactiewerk voor het blad. Met taal bezig zijn en schrijven is ook iets waar ik blij van wordt, dus dit is een gouden combinatie. Daarnaast heb ik ook een blog waarop ik boekrecensies schrijf genaamd Bookish Villainy.

Ik teken ook af en toe, vooral fanart.

Voor mij is dat een manier om mijn waardering voor een serie/personage te uiten. Mijn vroegere hobby’s (cosplay, roleplaying, het sparen van figures) waren ook een manier van waardering uiten, maar het tekenen geeft me wel de meeste vrijheid; ik kan zo focussen op aspecten van een serie/game/personage die ík interessant vind.

Het is wel iets waar ik echt voor moet zitten, dus soms wil het, ondanks de ideeën, er wel eens even bij in schieten. Ik vind het ook leuk deze tekeningen te delen; ik heb zo wel eens leuke gesprekken gehad op DeviantArt over hetgeen wat ik had getekend, omdat ik een nieuw perspectief gaf waar niet iedereen bij stilstond. Ik vind het trouwens ook interessant om te zien waar verhalen vandaan komen (zoals mythologie of folklore). Daarbij kunnen verhalen simpelweg een ander perspectief bieden dan dat van jou, en dat is ook waardevol.

Creativiteit speelt een grote rol in je leven. Hoe is dat ontstaan?

Ik teken en schrijf eigenlijk al van kleins af aan. Ik wilde vroeger dan ook altijd tekenares of schrijfster worden – én dierenarts… geen van allen is echt gelukt. Uiteindelijk is het voornamelijk een hobby gebleven, maar wel eentje die voldoening geeft. Ik verzon vroeger ook graag zelf verhaaltjes en maakte ook de bijbehorende tekeningen. Ik denk dat ik echter wat ‘serieuzer’ begon met tekenen toen Dragon Ball Z op televisie kwam hier in Nederland. Ik tekende stapels A4’tjes vol met fan art. Deze tekeningen waren niet zoveel soeps, maar ik denk wel dat het het willen uiten van mijn waardering voor iets wel heeft aangewakkerd.

Zou je wat meer willen vertellen over de onderwerpen van je BA en je MA scriptie, en hoe je op die onderwerpen gekomen bent?

Mijn BA-scriptie heette “Revisiting Wonderland: Neo-Victorianism and Female Empowerment in American McGee’s Video Game Adaptations of Alice in Wonderland”. De games in kwestie, American McGee’s “Alice” en “Alice: Madness Returns” zijn nogal duistere en ‘gothic’ adaptaties van Alice in Wonderland, maar vooral toen ik de laatste game speelde viel de symboliek van Wonderland in verhouding tot de Victoriaanse tijd me heel erg op.

Echter, het zijn wel bepaalde cliché’s wat betreft ons beeld van de Victoriaanse tijd, die vooral te zien zijn in adaptaties van Victoriaans werk. Ik was nieuwsgierig of die cliché’s er gewoon in zaten om het “duister” te maken, of dat ze toch echt iets betekenden. In mijn scriptie analyseerde ik de symboliek en vergeleek ik die met welbekende Neo-Victoriaanse tropes. Het viel me op dat de games er een loopje mee namen en een boodschap gaven over Female Empowerment die afweek van de cliché’s.

Mijn MA-scriptie luidde “Someone had Vomited Over the Round Table: The Shift from Malory and Bakhtin’s Grotesque Realism in Bernard Cornwell’s The Warlord Chronicles”. Ik ben nog het meest trots op de titel. Tijdens mijn studie Engels raakte ik geïnteresseerd in de Koning Arthur-legende, en het is vooral fascinerend wat verschillende schrijvers/makers met de legende doen. “The Warlord Chronicles” van Bernard Cornwell is een van mijn favoriete boeken, ondanks dat het een erg vrije (en gritty) adaptatie is.

Ik wilde graag mijn masterscriptie hierover doen, en heb Cornwell’s werk vergeleken met “Le Morte D’Arthur” van Sir Thomas Malory. Vroeger werden vooral de ridders en de edelen gezien als een ideaal, en werd ‘het lichamelijke’ geassocieerd met het gewone volk. In Malory’s werk waren de gevechten vrij bloederig, maar verder hadden ridders zelden een bad nodig en aten ze maar af en toe. Dit was een groot contrast in Cornwell’s werk, waarbij de ridders (hier krijgers), boerden, seks hadden, aten, en zweetten en elkaars adem roken in een schildmuur. Ik heb… bijzondere passages geciteerd in mijn scriptie.

Wat zou je graag willen bereiken in je leven?

Ik wil me graag blijven ontwikkelen en iets toevoegen, iets creëren en dat delen met andere geïnteresseerden. Dat is toepasbaar op mijn interesses, maar ook op andere facetten van het leven.

Links:

Bookish Villainy boekblog

Instagram

Aniway

***

Volgende week leest u hier een verslag van een ochtend zeep maken in de serie “En op pad!” Tot dan!

Jezelf zijn in werkzoekland

by

Eerder deze week schreef ik me in voor twee workshops van het Career Center, en in de welkomstemail begon het gemekker al: ik moet ergens “5 bekenden uit verschillende settingen” gaan vragen wat mijn grootste talent is, waar ik het vaak over heb, hoe ik dingen doe en hoe ze me in een groep ervaren. Los van dat ik het behoorlijk vervelend vind om mensen lastig te vallen met dit soort stereotype “ik doe een sollicitatiecursus”-opdrachtjes, realiseerde ik me ook dat ik aan de antwoorden niet veel ga hebben. De ene persoon zal namelijk antwoorden “Uitslapen”, “Too Many Zooz”, “Op het laatste moment” en “Groep? Welke groep?”, terwijl een ander zal zeggen “Editen”, “De voortgang van haar zines”, “Uiterst geordend” en “Hulpvaardig”. De drie overigen zullen weer met iets heel anders komen, en bij elkaar gevoegd zullen ze misschien wel een complete(r) beeld van mij schetsen, maar nog steeds bitter weinig info geven over mijn geschiktheid voor een specifieke baan.

Het denken dat weten wie je bent en dan altijd “jezelf blijven” voldoende is voor een baan of zelfs een carrière is namelijk de grootste flauwekul ever. Op “Je kunt beter spijt hebben van wat je wel gedaan hebt, dan van wat je niet gedaan hebt” na natuurlijk, want dat slaat al helemaal nergens op. Hoezo kun je beter spijt hebben van iemand wel doodsteken dan van iemand niet doodsteken? Echt, stompzinnigheid ten top. Natuurlijk geloof ik dat het goed is om te weten wie je bent, ik geloof zelfs dat “weten wie je bent en waarom” en dat met enige regelmaat (re)evalueren een van de belangrijkste dingen in het leven is. Als je weet waar je voor staat, kun je beter uitfilteren met wie en met wat je je bezig wilt houden. In die zin ben ik het dan ook wel eens met “jezelf blijven”: als vegetariër kun je beter niet bij een slager gaan werken, want dat matcht natuurlijk voor geen meter.

Het is echter wel zo, dat “jezelf blijven” voor sommige mensen maar tot op beperkte hoogte kan. Als jij afhankelijk bent van een omgeving die totaal anders is dan jij en je wilt niet continu in conflict leven of zelfs verstoten worden, dan zal je je moeten aanpassen. Hier zijn verschrikkelijk schrijnende voorbeelden van te bedenken, maar om het maar bij het onderwerp “werk” te houden een persoonlijk voorbeeld: in de dagen dat ik als secretaresse werkte, kon ik slechts zo’n 3% “mezelf” zijn, en dan vonden ze me al “raar/mal/vreemd”. Waarmee ze eigenlijk bedoelden “heeft een andere opleiding dan wij”, “heeft een ander privéleven dan wij” en eigenlijk ook gewoon “is veel meer buitenlands/allochtoon dan wij”.

Meestal is het namelijk al zo dat zodra ik ergens binnenkom op een sollicitatie en me voorstel als “mezelf” met mijn overduidelijk Niet-Van-Hier achternaam, men mij meteen teveel “mezelf” vindt. ALS ik al een sollicitatiegesprek krijg, want discriminatie puur op basis van naam is natuurlijk ook nog een ding.

Dat dus.

Ik denk dat iedereen die ook maar een beetje afwijkt van de norm die op een bepaalde plek heerst, dit wel herkent. Uiteraard is “de norm” op de ene plek anders dan op de andere waardoor je persoonlijke “afwijkfactor” niet in alle omstandigheden dezelfde is: in de ene omgeving kun je 3% jezelf zijn, in een andere misschien wel 70%. Ik denk dan ook dat het realistischer zou zijn om mensen mee te geven dat het belangrijk is om “jezelf” te kennen, te weten welke vaardigheden je bezit en wat je graag doet, maar ook te laten inventariseren in hoeverre je bereid én in staat bent je aan te passen.

Want tenzij je precies in het maatschappelijk geaccepteerde gemiddelde van “jezelf” past en er ook een beroepsgroep is waar je dan precies in valt, is het hele “wees jezelf en je baan zal volgen” op z’n best niet-helpend en op z’n slechts een toxische leugen. Zelf hoor ik liever eerlijk dat mijn naam, mijn afkomst, mijn persoonlijkheid, mijn uiterlijk, mijn leeftijd, mijn levensloop, mijn opleidingen en/of mijn gezondheid voor bepaalde werkgevers een reden kan zijn om mij niet aan te nemen, dan het “Wees jezelf, dan komt het goed!”-praatje wat de realiteit ontkent.

Dan kan ik inventariseren wie ik ben, wat ik kan, wat ik wil en wat er van me verwacht wordt. Zo kan ik ervoor zorgen dat Public Me ™ , die ik als “van de norm afwijkende persoon” altijd deels zal moeten blijven ‘spelen’ om een beetje in het stramien te passen, niet al te ver van me af ligt. Echt volledig “jezelf” kunnen zijn, voor zover dat bestaat natuurlijk, is een luxe die helaas niet voor iedereen weggelegd is. En de eerste stap om daar iets aan te veranderen, is om dat in ieder geval in sollicitatiecursussen te erkennen en daar realistische oplossingen voor aan te dragen.

Most commented posts

Interview met LP (dat ben ik!)

woensdag, januari 17, 2018

Toen ik als tiener in mijn Andy Warhol-fase voor het eerst het blad Interview te ...

Bloggen is dood

woensdag, januari 10, 2018

Morsdood. De eerste keer dat ik dat hoorde, was tien jaar geleden, in 2008. Een of ...

Deze maand – januari

woensdag, januari 31, 2018

Het nieuwe jaar begon goed: net als vorig jaar begon ik mijn jaar met The ...