Tag Archives Persoonlijk

Een aflopende zaak

by

Ooit, op een blog hier ver vandaan, schreef ik over “De Herfstigheid”. Dat omschreef ik toen als “het feit dat alles waar je aan gehecht bent, verdwijnt of op zijn einde loopt, zonder dat je daar iets aan kunt doen”. Dit is er de soundtrack van:

Ik zit er alweer een paar maanden middenin, in die Herfstigheid. Dat heeft natuurlijk te maken met de pandemie: 2020 zou het jaar zijn waarin in de laatste paar dingen af zou sluiten en allerlei nieuwe dingen zou gaan opstarten. Van dat laatste is minder dan niets terechtgekomen.

Ook is het zo dat omdat ik 99% van de tijd thuis zit en behalve bij dokter, fysio en/of tandarts nergens meer kom, mijn contextgebonden contacten bijna tot nul gereduceerd zijn. Je weet wel, die praatjes met een buurvrouw op straat, of bij de bushalte (ik noem het dan ook wel eens “bushaltecontacten”), of met de caissière van de HEMA.

Aangezien ik op dit moment in mijn leven al een poosje geen collega’s of medestudenten meer heb, en in de loop der jaren ook de hoeveelheid familie, vrienden en kennissen gedecimeerd is van “redelijk weinig” naar “op 1 hand te tellen”, vervulden deze kletspraatjes met soms wildvreemden een belangrijke rol in mijn sociale leven.

Als ik nu 1 keer per maand iemand in het OV spreek is het vaak, en zelfs dan is het niet zoals vroeger: het gaat alleen nog maar over Corona. Begrijpelijk, maar vermoeiend. Eigenlijk is het internet, en dan meer specifiek Instagram, momenteel mijn enige bron van bushaltecontact.

Sowieso is het internet al heel lang een plek waar ik, onafhankelijk van mijn status in de IRL wereld, met relatief weinig moeite met veel mensen in contact kon blijven en van gedachten kon wisselen. Ik heb daarom lang ontkend wat ik al een kleine twee jaar langzaam zie gebeuren: Instagram is aan het uitdoven.

Ik “zit” al sinds 1996 op het internet, en heb de opkomst en ondergang van vele websites, fora, en social media platformen meegemaakt, ik herken de tekenen. Geen nieuwe volgers meer, de interactie wordt minder, de likes nemen af, mensen posten minder, de communicatie verplaatst zich naar direct messages, mensen loggen niet meer in, mensen verwijderen hun accounts.

Op dit moment bestaat 95% van mijn timeline uit reclame en “voorgestelde berichten”, er is nog ietwat persoonlijke activiteit in de instastories, maar ook dat neemt af. Natuurlijk speelt de pandemie hierbij een rol, maar de neerwaartse spiraal is al ruim voor Corona ingezet. Aan het begin van de lockdown (maart/april) was er een kleine opleving, maar daarna is de activiteit weer snel afgenomen.

Voor wie nu denkt: “Op mijn timeline is niets aan de hand!”: dat kan. Het hangt af van wanneer jouw vrienden/interactieve volgers ermee kappen. Zo zijn er blijkbaar nog steeds mensen die super (inter)actief zijn op Twitter, terwijl ik eind 2012 stopte omdat ik het al meer dan een jaar schijtzat was om voornamelijk in de ruimte en/of tegen mezelf te lullen. En waar ik toen overstapte op Tumblr, en daarna op Instagram, is er nu… niks.

Jarenlang is er altijd een nieuwe website, een nieuw forum of een nieuw platform geweest waar ik naar kon overstappen. Ik ben tijdens die doorstroom naar andere platformen helaas ook mensen bij kwijtgeraakt, maar een “harde kern” verhuisde mee. Deze keer echter, is er geen nieuw platform. Ja, TikTok, maar ik ben 45 jaar oud en mijn dansante dagen liggen VER achter me. Sowieso is dat een platform gericht op kinderen, want die zijn de toekomst(ige consumenten).

De pijnlijke realiteit is dat er met het einde van Instagram niet alleen een einde gaat komen aan mijn tijd op het internet, maar ook aan contacten met mensen wier levens ik jarenlang (sommigen bijna 20 jaar!) gevolgd heb en vice versa.

“Spreek dan in het echt af!” hoor ik al roepen. Dat is in sommige gevallen onmogelijk, wegens halve werelden afstand of elkaar alleen onder pseudoniem kennen. #oldschool Maar zelf als dat niet het geval is, acht ik de kans nul dat er offline contact gaat plaatsvinden. Mijn ervaring is namelijk dat er toch een tijdraam is waarbinnen dat offline contact na eerste online kennismaking moet plaatsvinden, zeker als je dicht bij elkaar in de buurt woont. Als je op 20 minuten van elkaar vandaan woont, maar in 10 jaar tijd niet afspreekt (of tot een afspraak komt), dan gebeurt het niet meer.

Wat dat betreft zijn jarenlange online vriendschappen waarbij er geen IRL voortzetting plaatsvindt vergelijkbaar met andere contextgebonden contacten: denk aan die leuke mensen op vakantie, of je collega van kantoor, of die aardige buurvrouw. Zodra je weer terug bent van vakantie, of ergens niet meer werkt, of verhuist, stopt het contact meestal. Het is maar heel zelden dat er buiten die context een gemeenschappelijke grond is waarop de vriendschap voortgezet kan worden.

Dit wil uiteraard niet zeggen dat contextgebonden vriendschappen geen betekenis hebben of niet waardevol zijn, integendeel. Ik zie mijn online contacten niet wezenlijk anders dan mijn offline contacten, hoe vreemd dat volgens sommigen ook mag zijn.

Vanaf het moment dat het internet veranderde in een advertentiekanaal heb ik geweten dat er ooit een moment zou komen waarop ik officieel “te oud” zou zijn om nog een doelgroep te zijn voor eh, wie dan ook, en dat dat het einde zou betekenen van online life as I know it. Toch vind ik het hartverscheurend dat dat moment nu dichterbij is dan ooit.

6

Camp NaNoWriMo 2020

by

Toen ik afgelopen januari een flinke lijst maakte van de dingen die ik in 2020 zou gaan doen, kon ik niet voorzien dat er niet lang daarna een pandemie zou uitbreken, waardoor dit jaar zowel het langste als het kortste jaar van mijn leven zou gaan worden. Normaal gesproken heb ik wel een redelijke grip op de tijd, maar dit jaar voelt elke week tegelijkertijd als een drie maanden en als één dag . En zo gebeurde het dat ik vier weken geleden wakker werd en op mijn telefoon zag dat het 1 juli was. Het jaar was half voorbij. En ik had nog een boek te schrijven, volgens mijn to do list. Dus besloot ik op stel en sprong te gaan kamperen.

“Kamperen?” hoor ik de mensen die mij kennen nu roepen, “Maar jij HAAT kamperen!” Klopt. Gelukkig is Camp NaNoWriMo al jaren geheel virtueel. Je kunt bij aanmelding je aansluiten bij een “cabin” waarin anderen zich bevinden, maar ook een eigen cabin openen , al dan niet met mensen die je al kent. Vanwege mijn late aanmelding besloot ik deze keer n mijn eentje te kamperen. Vond ik ook wel toepasselijk, gezien de Coronasituatie.

Voor wie zich afvraagt waar NaNoWriMo voor staat, het is de afkorting van National Novel Writing Month. Het hoofdevenement, waarbij je in de maand november 50.000 woorden schrijft, wordt sinds 1999 gehouden. Het begon in kleine kring in de Verenigde Staten (21 deelnemers), daarna werd het een landelijk, en vervolgens een internationaal evenement. Waarom het dan NaNoWriMo heet en niet InNoWriMo? Ik meen me vaag te herinneren dat dat te maken had met het niet willen verliezen van naamsbekendheid, met al geprint promotiemateriaal en ook met het feit dat NaNoWriMo lekkerder “bekt”.

Sinds 2011 zijn er ook twee zomerevenement in april en juli, genaamd Camp NaNoWriMo. Tijdens Camp mag je zelf bepalen hoeveel woorden je wilt gaan schrijven, ik geloof dat de standaardinstelling 40.000 woorden is. Ik heb in het verleden al 5 keer aan NaNoWriMo meegedaan, dus ik weet precies hoeveel 40.000 woorden is: iets minder dan 50.000 en dus best veel.

De vorige twee keer dat ik aan Camp NaNoWriMo deelnam heb ik 15.000 woorden geschreven, ik besloot dat aantal ook deze keer weer als doel te stellen. Als ik minimaal 484 woorden per dag zou schrijven, zou ik op schema zitten. Leek me wel zo relaxed, voor zover schrijven bij mij ooit relaxed is. Zoals ik wel eens eerder geschreven heb, hebben de schrijverij en ik een nogal, eh, gecompliceerde verhouding, dus ik was benieuwd hoe het deze keer zou gaan.

Op dag 1 begon ik enthousiast en tikte ik een ruime hoeveelheid woorden weg. Op dag 2 realiseerde ik me dat ik eigenlijk een pesthekel aan schrijven heb, en op dag 3 wilde ik niets liever dan alles wat ik al geschreven had, integraal in de prullie mikken. Het ging, kortom, voorspoedig. Op dag 9 zat ik aan 14.052 woorden: ik had min of meer een kapstok waar ik het verhaal later aan op kan gaan hangen, en ik had ook een aantal delen van het verhaal geschreven. Ook is me duidelijk geworden wat er nog ontbreekt, waar ik nog over moet beslissen en wat ik nog moet researchen. Dat werden de laatste duizend woorden, en toen kreeg ik een certificaat en deze leuke badge:


Altijd leuk

En nu? Ervaring heeft me geleerd dat ik het geschrevene het best een maand of 6 kan laten rusten. Tegen die tijd heb ik voldoende afstand en kan ik bepalen of het überhaupt ergens over gaat . Ook kan ik dan beslissen of ik het manuscript afschrijf of, eh, afschrijf. Of ik het, als het af is, ga uitgeven? Nee, dat denk ik niet. Een boek uitgegeven krijgen is namelijk minder makkelijk dan het lijkt. Daar komen dingen om de hoek kijken als “Is er een markt voor?” (twijfelachtig – red.), “Past het in de huidige literaire trend?” (nee – red.), “Ben je iemand met een (het liefst groot) bereik?” (verre van – red.).

Daarnaast is het handig als je iemand kent die bij een uitgeverij werkt , want het is vrij algemeen bekend dat je manuscript inzenden voor de slush pile 99,9% van de tijd een verspilling van printpapier en inkt is. Misschien niet als je de nieuwe Mulisch bent, maar als ik daadwerkelijk de nieuwe Mulisch was geweest dan had iemand dat al wel opgemerkt ondertussen. Overigens ga ik het ook niet in eigen beheer uitgeven of er een crowdfunding voor starten, want daar moet je het volledig hebben van je eigen bereik en dat is in mijn geval dusdanig minimaal (hoi mam!) dat dat geen haalbare kaart is.

Waarom ik het dan toch geschreven heb? Omdat het idee van het verhaal al een jaar of 5 door mijn hoofd zwierf. Nu het op papier staat, hoef ik er niet meer over na te denken en kan ik de vrijgekomen ruimte in mijn hoofd voor andere dingen gebruiken. Een beetje “Ik wil geen boek schrijven, daarom schrijf ik een boek, dan hoef ik geen boek meer te schrijven”, dat idee. *vinkt dit project van de “To Do”-lijst af*

2

Zwarte Piet: gewoon afschaffen

by

Al jaren volg ik op flinke afstand de hele Zwarte Piet discussie. Zelf weiger ik aan deze discussie deel te nemen, omdat er niets te discussiëren valt. Het is ondertussen 2020, de feiten zijn meer dan bekend, de oplossing is verpletterend simpel: Zwarte Piet is Blackface, Blackface is racisme, kortom, klaar met die Zwarte Piet.

In tegenstelling tot vroeger, toen ik ervan overtuigd was dat als ik maar rustig (vooral niet boos!), met de juiste argumenten en de juiste feiten, op de juiste toon met de juiste voorbeelden mijn punt maakte tegenover iemand met racistische opvattingen, dat die persoon dan niet anders kon dan inzien dat ik gelijk had, ben ik er nu van overtuigd dat als iemand in 2020 nog steeds pro-Zwarte Piet is, er dan werkelijk NIETS is wat ik zou kunnen zeggen wat die persoon van mening doet veranderen. Nogmaals, het is 2020. Het is geen onwetendheid meer. Het is onwil.

Iedereen die wel eens een half cursusje verandermanagement gedaan heeft of op een kantoor gewerkt heeft waar men in 2003 nog WordPerfect 5.1 gebruikte “omdat Miep geen Word wil leren”, weet dat er altijd mensen zijn die pertinent weigeren mee te veranderen. Hoe ze ook tegemoetgekomen worden, hoeveel rekening er ook met ze gehouden wordt, hoeveel tijd en aandacht er ook is voor hun gevoelens en bezwaren: ze zijn niet over de streep te trekken. Je kunt er dan nog jarenlang tijd, energie en geld in steken, maar dat is totale verspilling. In een kantoorsituatie is het simpel: op een gegeven moment besluit de werkgever dat het klaar is, en wordt de verandering doorgevoerd. Miep kan dan óf Word leren, óf ergens anders gaan werken. Meestal kiest Miep eieren voor haar geld, en zo niet, dan heeft de rest van de organisatie geen last meer van Miep. Dahaag, Miep!

In het Zwarte Piet “debat” zijn we, zoals ik hierboven ook al aangaf, al een poosje geleden op dit punt aangekomen. Ik vind het dan ook te bizar voor woorden dat de Nederlandse overheid nog steeds weigert in te grijpen en dat de Premier van Nederland maar van die neo-liberale onzin blijft verkondigen over dat dit een (semi-)individueel probleem is, waar men “met elkaar” uit moet komen. Gezien de manier waarop de politiek met deze kwestie omgaat, zou je vermoeden dat het om een burenruzie over een schutting gaat, en niet om racisme. Hopelijk ten overvloede: racisme is een vorm van discriminatie. En discriminatie is wettelijk verboden op basis van artikel 1 van de Grondwet.

Sowieso is de taal die door de Premier gebruikt wordt extreem manipulatief: “mensen voelen zich gediscrimineerd”. Nee. Mensen WORDEN gediscrimineerd. Als ik keihard op je tenen ga staan en jij roept “Au!”, zeg ik toch ook niet dat “jij je op je tenen gestaan voelt”? Ik zeg gewoon sorry, en let voortaan op waar ik mijn voeten laat. Dit soort manipulatief taalgebruik van politici is overigens 0% toeval en 100% opzettelijk, en heeft tot doel om de situatie als minder ernstig te laten lijken dan hij is. [NB: Mocht iemand meer willen weten over manipulatie in taal willen weten: ik ben op manipulatie in politieke speeches afgestudeerd, dus ik heb massa’s artikelen die ik kan delen.]

Niet alleen politici, maar ook de Nederlandse media spelen in deze kwestie een smerige, ondermijnende rol: door het te framen als “mensen voelen zich GEKWETST door de Zwarte Pietfiguur” in plaats van als “De Zwarte Pietfiguur is een uitingsvorm van racisme, racisme is discriminatie, discriminatie is bij wet verboden, tijd om Zwarte Piet af te schaffen”, creëren ze een situatie waarin het plots logisch lijkt om “rekening te moeten houden” met de “gekwetste” gevoelens van de pro-Zwarte Piet mensen. Want “iedereen heeft toch het recht op erkenning van hun gevoelens”? En “wie mag bepalen dat de gevoelens van de anti-Zwarte Piet mensen meer waarde hebben dan die van de pro-Zwarte Piet mensen”? Dus dan moet er gepraaaaat worden, en een compromis gesloten. Terwijl dit nu juist een situatie is waarin er GEEN compromis moet komen. Want het gaat niet om “gekwetste gevoelens”. Het gaat om racisme. En racisme is een vorm van discriminatie. En discriminatie… we begrijpen elkaar, toch?

Zelfs de Verenigde Naties hebben de Nederlandse overheid in 2015 (Pagina 4, punt 17) al dringend aangeraden deze situatie te veranderen en ook het Europees Parlement heeft enkele dagen geleden aangegeven dat er een einde moet komen aan de Zwarte Piet-traditie.

Maar het is als Nederlandse overheid en politiek natuurlijk een stuk makkelijker om je kop in het zand te steken en maar te blijven doen alsof dit een situatie is van “waar twee kijven, hebben twee schuld”, iets wat sowieso 99% van de tijd in onzinstelling is, maar dit terzijde. Ook is het leggen van de verantwoordelijkheid bij de gediscrimineerde, wat in de praktijk neerkomt op “Ga jij die ander er maar eens van overtuigen dat jij het verdient om fatsoenlijk behandeld te worden”, een klassiek voorbeeld van victim blaming en gewoon Niet Ok.

Het wordt dan ook hoog tijd dat we als bewoners van Nederlander harder gaan inzetten op het afschaffen van Zwarte Piet. Ja, afschaffen. Helemaal, totaal, geheel afschaffen. Het is hoog tijd om te kappen met die halfslachtige polderoplossingen die de zaak alleen maar ondermijnen: door een roetveegpiet te hebben, bevestig je in feite “dat hij door de schoorsteen komt”, en we weten allemaal dat dat aperte onzin is. Ook nodig je pro-Zwarte Piet mensen uit om tot het einde der tijden te blijven steggelen over welke kleurgradatie Piet nog wel acceptabel is.

Hetzelfde geldt voor de regenboogpiet: leuk hoor, zo’n regenboog, maar hiermee onderken je de ernst van Blackface niet, en geef je tevens ruimte voor argumenten dat “Alle kleuren gelijk zijn” en schuif je wat mij betreft redelijk rechtstreeks de “Ik zie geen kleur! Ik ben kleurenblind! Ik ben geen racist!”-discussie in en… er zijn zat artikelen online te vinden waarom deze argumenten schadelijk zijn. Want het gaat niet alleen om de kleur. Het gaat om de kleur, de outfit, de pruik, de geschiedenis waar deze figuur onlosmakelijk mee verbonden is.

Kijk naar wat er in de US en in de UK gebeurt (en zelfs in Hoorn doen ze een poging): de standbeelden van slavenhouders en ander gespuis krijgen ook geen facelift, nieuw kapsel en een andere outfit aan, die worden gewoon van hun sokkel gelicht. Voor Zwarte Piet geldt hetzelfde: de enige manier om deze al veel te lang voortslepende situatie fatsoenlijk op te lossen is om de figuur Zwarte Piet af te schaffen, liever gisteren dan vandaag.

Dus laten we ophouden met het, al dan niet via Facebook, soebatten met Ome Henk en Tante Miep over deze kwestie en in plaats daarvan inzetten op de dingen die onder “Wat kan ik doen?” beschreven staan op de website van Kick Out Zwarte Piet en dan wat mij betreft met name het indienen van klachten bij instanties, en het sturen van mails naar zowel lokale als Tweede Kamer politici, om ze te vragen wat ze aan deze kwestie gaan DOEN. Wijs ze vooral op het feit dat er volgend jaar Tweede Kamerverkiezingen zijn. Onderteken en/of start een petitie.

Kaart het aan op school, bij de lokale Sinterklaasvereniging, de buurtvereniging, de sportvereniging. Boycot het feest. Ga niet naar de intocht, kijk geen Sinterklaasjournaal, koop geen Sinterklaasspullen. Laat de gemeente, de makers van het Sinterklaasjournaal, de winkeliers weten dat het tijd is om met Piet te stoppen. Vooral de bedrijven die je wat willen slijten, zijn, zoals we de afgelopen week geleerd hebben, nogal vatbaar voor druk en de dreiging geld mis te lopen. Maak gebruik van het feit dat ze geen principes hebben, en dat Black Lives Matter “trendy” is op het moment.

“Maar is het helemaal zonder Pieten dan nog wel leuk voor de kinderen?” Het afschaffen van Zwarte Piet zou ook een perfect moment zijn om de hele Sinterklaastraditie eens naar de 21e eeuw te upgraden: stop met tegen kinderen te liegen dat Sinterklaas echt is, dat is nergens voor nodig. Kinderen weten bijvoorbeeld best dat Elsa en Anna van Frozen ook niet “echt” zijn, maar zijn daarom niet minder dol op de personages.

Hoe ik een geupdate versie van Sinterklaas verder voor me zie? Nou, haal die oude man van dat paard af en geef hem, net als elke hippe bejaarde, een scootmobiel. Nu er geen Pieten meer zijn, wordt Sinterklaas vergezeld door een team van jonge twintigers in gepersonaliseerde overals die hem helpen en een beetje bij de les houden wat betreft “Hoe het in de wereld werkt”: het S-Team, uiteraard kort voor Sinterklaas-Team, maar ook Steam, verwijzend naar de stoomboot. De dynamiek tussen Sinterklaas en het S-Team is zoals tussen een opa en zijn kleinkinderen, wat past bij het feit dat het een feest voor kinderen is. De leden van het S-Team kunnen dansen, wat inhaakt op de TikTok-hype én meteen meer bewegen voor kinderen promoot. Uiteraard zijn ze ook muzikaal, en werken ze samen met jonge Nederlandse muzikanten aan moderne teksten op moderne muziek. Ik zie een heel nieuw Sinterklaasliedjesrepertoire voor me, evenals liedjes over dingen die kinderen bezighouden. Wel eerst even alle jaren Kinderen voor Kinderen bestuderen, om te zien welke fouten deze keer NIET gemaakt moeten worden. Het feit dat ik dit in 3 minuten heb kunnen bedenken, laat zien dat als er een team professionele programmamakers eens goed voor gaat zitten, ze écht wel een feest kunnen bedenken zonder Pieten wat voor alle kinderen leuk kan zijn.

“Maar wat nou als er rellen komen?” Tja, dan heeft de politie eindelijk eens iets nuttigers te doen dan mensen etnisch profileren. Sorry not sorry.

Ik geloof dat het wat rellen betreft niet dat het zo’n vaart gaat lopen. Tuurlijk, er zullen misschien wat beroepsracisten en van die “Goed of slecht, zon of regen, het maakt niet uit, we zijn overal tegen!”-types een afspraakje maken via Facebook om ergens te gaan staan oreren en te rellen, maar dat doen ze nu ook al met enige regelmaat. De Nederlandse volksmentaliteit kennend wordt er eerst, tegenwoordig vooral online op Twitter en Facebook, moord en brand geroepen en hevig geklaagd, waarna men zich morrend aanpast. Een paar jaar later verkondigen diezelfde mensen doodleuk dat ze altijd al wisten dat dit beter was, zo zonder Zwarte Piet. Natuurlijk zul je altijd de Tante Miep’s hebben die nooit van mening veranderen en tot het einde der tijden zullen vasthouden aan zowel Zwarte Piet als WordPerfect 5.1. Dat is echter geen enkele reden om alles dan maar bij het oude te houden.

Laat “Black Lives Matter” geen loze slogan in je leven zijn. Nederland, het is klaar met die Zwarte Piet.

2